Curve in road through green grasslands

Futuring is bochtenwerk

Hoe kom je soepel een bocht door? Ooit leerde ik van mijn rijinstructrice de ‘ver-en-terug’-methode. Terwijl je een bocht in rijdt, kijk je afwisselend ver de bocht in en weer terug, ver en terug, ver en terug. Zo voorkom je dat je alleen naar het stukje bocht recht voor je neus kijkt en telkens verrast wordt door een snel naderende berm. In plaats van hoekig bijsturen, glijd je soepel door de bocht, omdat je steeds zicht houdt op wat verderop gaat komen.

In haar boek The signals are talking (2016) gaat de Amerikaanse futurist Amy Webb in op het belang van signalen bij futuring. Ze beschrijft haar methode waarbij je begint met het scannen van de rand (fringe). De signalen van beginnende ontwikkelingen die daar plaatsvinden, geven zicht op wat later mainstream trends kunnen worden. Met de methode van Webb kun je inzicht krijgen in signalen en bepalen hoe, waar en wanneer ze als trend kunnen doorbreken.

Webb bespreekt in haar boek ook vaardigheden die belangrijk zijn bij futuring. Zo is het handig als je goed bent in het herkennen van patronen. Je moet signalen met elkaar kunnen verbinden (zoals bij de puzzel ‘verbind de punten’, zie dit eerdere artikel over het scannen naar verandersignalen). Verder moet je kunnen uitzoomen en een breder en ook een tegenovergesteld perspectief kunnen innemen. Zo zie je meer signalen in verschillende contexten en kun je ze beter op hun waarde schatten. Maar er is nog een vaardigheid die eigenlijk elke futures thinker moet hebben: mental ambidexterity. Om goed te kunnen toekomstdenken moet je volgens Webb mentaal tweehandig zijn: tegelijkertijd kunnen scannen wat er in je omgeving (het heden) gebeurt én bedenken wat dat voor de toekomst kan betekenen. Je moet je blik dus zowel op het heden als op de toekomst kunnen richten.

Dat lijkt veel op de ‘ver-en-terug’-methode bij het nemen van een bocht. Je kijkt telkens ver de bocht in naar de toekomst en dan weer terug naar het heden. De informatie over de toekomst (verderop in de bocht) geeft input voor het bijsturen in het heden. Dat is precies wat je bij futuring met scenario’s doet. De scenario’s die je maakt, geven informatie over het mogelijke verloop van de toekomst. Wie voorbereid is, kan tijdig bijsturen. Wie daarentegen niet vooruitkijkt, zal ofwel ineens hard moeten bijsturen om nog op koers te blijven of belandt uitgerangeerd in de berm van het verleden. Net als bij de toekomst weet je nooit precies van tevoren hoe de bocht loopt en waar en wanneer de bocht eindigt. Juist daarom moet je steeds blijven scannen naar verandersignalen, vanuit die signalen mogelijke toekomsten verkennen en je handelen in het heden daarop aanpassen: ver en terug, ver en terug.

Zo kom je mentaal tweehandig door de bocht. Grote kans dat je nu nooit meer door een bocht rijdt zonder aan de toekomst te denken. Kleine tip: doe dat voor de zekerheid ook tweehandig aan het stuur.

(foto: pexels.com)


Geplaatst

in

door

Reacties

Eén reactie op “Futuring is bochtenwerk”

  1. Janneke Scholte avatar
    Janneke Scholte

    Die ver en terug kende ik nog niet. Een motorrijder leerde mij wel ‘de bocht uitkijken’ om de ‘grote lijnen’ helder te hebben. Houden zo, grote lijnen, voorwaarts. Reflecteren en fantaseren, zo zou je het ook kunnen ‘zien’, terugkijken en ver de toekomst in.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *