‘Het klinkt nog wel een beetje vaag.’ Die reactie krijg ik vaak als ik probeer uit te leggen wat futuring is. Dat kan aan mijn didactische kwaliteiten liggen, maar het kan ook zijn dat vaagheid inherent is aan futuring. Ik denk (en hoop) dat laatste. De toekomst is nu eenmaal onduidelijk, onzeker, abstract en bij futuring probeer je het intrinsiek vage concreet te maken. Ik zal proberen om dat uit te leggen – en hoop dat het niet te vaag blijft.
The future is this way. Was het maar zo eenvoudig. Volg de pijl: nog even rechtdoor, links de hoek om en dan de tweede deur rechts en je bent er. Maar helaas, anders dan bij een navigatie-app weet je bij de toekomst nooit waar die precies is of hoe je er kunt komen. Dat komt omdat het heden zich op ontelbare manieren verder kan ontwikkelen. (Voor de liefhebber leg ik in dit artikel uit wat dat met entropie te maken heeft.)
De vaagheid van futuring zou je kunnen vergelijken met de lichtheid van het bestaan in het boek The unbearable lightness of being van Milan Kundera. Als de toekomst onzeker is, geeft dat een gevoel van vrijheid, maar ook van leegte of zinloosheid. Want wat heeft denken over de toekomst voor zin als alles open ligt? Het nuchtere antwoord op die vraag is volgens de Amerikaanse futurist Alvin Toffler: “a rough idea of what lies ahead is better than none”.
Uncertainty is a feature, not a bug
Dat klinkt als een enorme open deur, maar het raakt precies de kern van futuring. Het is slim om vooruit te denken en je (ongeveer) een voorstelling te maken van de toekomst, juist omdat de toekomst onzeker is en je nooit weet wat er kan gebeuren. (Niet voor niets heet de website van de overheid over noodsituaties denkvooruit.nl.) Onzekerheid is een kenmerk (feature) van de toekomst, waar je bij futuring gebruik van kunt maken. Daarbij denk je trouwens altijd over meerdere toekomsten na. Zo voorkom je dat je vast blijft zitten in jouw idee van de toekomst, de toekomst zoals jij verwacht dat die gaat worden (dat heet in futuring ook wel de official future).
Hoe concreter, hoe beter
Nu gaat futuring wel wat verder dan a rough idea. Futuring is op drie manieren juist concreet. Om te beginnen het uitgangspunt: je start altijd in het heden met het zoeken naar verandersignalen. Die signalen vind je in de wereld om je heen en het zijn concrete voortekenen van hoe anders die wereld kan gaan worden. Je zou kunnen zeggen dat verandersignalen een soort pijlen richting de toekomst zijn. Achter de signalen zitten drijvende krachten die je kunt analyseren. Die dieperliggende krachten zijn een motor achter de toekomst. Je kunt ze doortrekken en mogelijke gevolgen in kaart brengen.
Bij die gevolgen kun je scenario’s maken. En ook voor die scenario’s geldt dat ze concreet zijn. Sterker nog: hoe concreter, hoe beter. Futuring draait om verbeelding. Hoe gedetailleerder het scenario, hoe beter je je kunt voorstellen hoe die toekomstige wereld eruit kan zien. Vage scenario’s geven omgekeerd weinig houvast voor je voorstellingsvermogen.
En als laatste zijn ook de acties die uit scenario’s volgen heel concreet. Stel dat scenario A werkelijkheid wordt, wat kan ik dan nu al doen om me daarop voor te bereiden? Of ook: welke dingen zijn slim om voor alle scenario’s te doen?
Futuring is dus zeker geen vage, zinloze bezigheid. (Dat zou ook gek zijn voor een vakgebied dat al een jaar of 70 bestaat – inclusief onderzoeksveld genaamd futures studies.) Het is een methodisch, gestructureerd antwoord op de inherente onzekerheid van de toekomst. Hoe die toekomst er uiteindelijk uit gaat zien, weet je nooit. Toekomst is en blijft ambiguïtijd. Maar wie zich mogelijke toekomsten al eens concreet heeft voorgesteld, is beter voorbereid. A concrete idea of what lies ahead is better than none.


Laat een antwoord achter aan Futuring Cross-over 1: Design Futuring • Verandersignalen Reactie annuleren